Het gebeurt niet zo vaak dat ik twee keer achter elkaar hetzelfde material gebruik, maar nu dus wel doordat ik op de camping ging windmolentje haken. Het was mooi weer, een lekker briesje en dan bedenk je wel eens wat. Je ziet een kindje voorbij komen met een windmolentje, heb een haaknaald en kaoen op tafel liggen en dan is het idee al geboren. Het is niet iets nieuws kwam ik al achter, toch even mijn versie hier voor jullie.
Het probleem was wel dat ik natuurlijk geen lagertje bij me had, die moest dus wachten totdat we terug waren. De lagertjes kun je online bestellen bij verschillende bedrijfen. De stokjes zijn in mijn geval bloemenstokjes die er nog nieuw lagen. Deze heb ik aan de bovenkant aan 1 kant met een stanleymes een beetje afgevlakt, zodat er een betere plak vlak was.
Mijn verwachtingen waren niet al te hoog qua rondjes draaien, maar ze doen het wel. Wel moet je even opleten welke kant de punten op staan, dat zou het draaien kunnen beinvloeden.
Benodigdheden
- Haaknaald 2,5 of 3 mm.
- Restjes katoen, afhankelijk van het feit of je de middenkleur ook als wiek gebruikt 5 of 6 kleuren
- Mini lagertje
- Stokje
- Restje dun vilt
- Lijm geschikt voor stof, plastic en hout. Montagelijm, bisonkit oid.
Beschrijving windmolentje haken
Gebruikte steken
- V – Vaste
- Mr – magische ring
- Hv – halve vaste
- – losse
Beschrijving
- Haak 6 v. in een mr. Sluit met een hv. in eerste steek (6)
- 1 l., 2 v. in elke steek (12)
- 3x 1v., 2 v. in 1 steek, herhaal nog 2x., sluit met hv. in eerste steek (15)

Nu gaan we aan de wieken beginnen, we haken verder over de cirkel.
- 1 l., 2 v. in 1 steek, 1 v., 2 v. in 1 steek, 1 l., werk keren (5)
- 1 v., 1 v., 2 v. in 1 steek, 1 v., 1 v., 1 l., werk keren (6)
- 2 v. in 1 steek, 4 x 1 v., 2 v. in 1 steek,, 1 l., werk keren (8)
- 1 v. in elke steek, 1 l., werk keren (8)
- 2 v. in 1 steek, 6x 1 v., 2 v. in 1 steek, 1 l., werk keren (10)
- 1 v. in elke steek, 1 l., werk keren (10)
- 2 v. in 1 steek, 8x 1 v., 2 v. in 1 steek. (12)
- Knip de draad een beetje lang af om straks te kunnen gebruiken. Haal de draad nog 1x door de laatste steek en trek aan.
De volgende kleur is aan de beurt.

- Hecht de nieuwe kleur aan bij de volgende steek van de cirkel met een hv. haak nu verder in dezelfde steek.
- Herhaal 4 tot en met 11.
- Als deze wiek klaar is herhaal je 12 en 13 nog 3 keer, dan heb je 5 wieken.

De lange draden zitten allemaal aan dezelfde kant van de wiek. Deze draad trek je door het midden van de cirkel, er ontstaat vanzelf een gevouwen wiek. Let even op de richting van de wiek. Als je dit bij alle vijf doet heb je het molentje. Hecht de draden af aan de achterkant. Dit kun je doen door de twee draden van dezelfde kleur aan elkaar te knopen. Deze komen dan achter het cirkeltje, je gaar hier toch iets over plakken, dan zitten ze meteen goed vast.

Om het molentje af te maken neem je een dun cirkeltje vilt, je plakt deze over het gat aan de achterkant, hierdoor zie je de afhechtingen ook niet meer.



Aan de voorkant, in het middelpunt van de wieken, kun je een kraal plakken, zo is het mooi afgewerkt.
Als laatste plak je het minilagertje achterop het molentje op het viltcirkeltje. Let op dat hij wel in het midden zit. Eigen de achterkant van het lagertje plak je dan met een lijm het stokje tegenaan. Let op, klieder niet dan draait hij niet meer. Ik heb het stokje een klein beetje afgeplat waar het lagertje komt, zodat het iets meer houvast heeft.
